• Steden en regio’s als Europese trendsetters

    Europa als netwerk van steden

    Het draagvlak voor de Europese Unie neemt af: alleen dat voor Europa, of ook dat voor de regeringen van de lidstaten? Is het tijd voor de Europese netwerksamenleving?

    Vorige week was ik bij de presentatie van Jan Zielonka’s essay ‘Is the EU doomed?’ Zielonka is hoogleraar Europese Politiek in Oxford, en Europeaan in hart en nieren: hij is geboren in Polen, werkt in het Verenigd Koninkrijk, heeft een huis in Italië en een Nederlands paspoort. Om maar meteen antwoord te geven op de vraag: Nee, Europa is niet gedoemd te mislukken, maar we moeten wel serieus nadenken over nieuwe vormen van Europese samenwerking.

    Zielonka betoogt dat de Europese Unie voor een splitsing lijkt te staan: de ene kant is uiteenvallen en de andere kant is verregaande integratie. In zijn essay analyseert hij eerst de huidige crisis in Europa en vervolgens schetst hij een aantal scenario’s van het mogelijke uiteenvallen en van reïntegratie van de EU.

    COMMISSIE VAN DE LAATSTE KANS

    Dat het zo niet verder kan, daar is iedereen het over eens. Juncker heeft zijn Europese Commissie niet voor niets ’the last chance Commission’ genoemd. Mede door de crisis is het draagvlak onder burgers voor Europa verder afgekalfd. Ook krijgt de EU stelselmatig een te grote broek aangetrokken, en vervolgens voldoet de EU niet aan de hoge verwachtingen. En een slechte uitkomst voor een lidstaat is de schuld van Brussel, ook al komt de oorzaak vanuit de Europese Raad, terwijl een succes uiteraard op het conto van de nationale regering wordt geschreven. Exemplarisch hiervoor zijn de reacties op de Europese naheffing van Rutte en Cameron: in de Europese Raad zwijgend maar moord en brand schreeuwen in de media, terwijl deze tegenvaller, veroorzaakt door een groter BNP dan eerder voorzien, allang bekend was.

    Velen (en daaronder niet de minsten, zoals bestuurders van lidstaten) denken dat er bij het uiteenvallen automatisch weer meer macht naar de lidstaten zal gaan. Zielonka betwijfelt dit echter: zowel het draagvlak voor de EU als voor de natiestaat neemt af onder Europeanen. Er is echter ook steeds meer gerommel rondom mogelijke afsplitsing van (vaak welvarende) regio’s van hun land, zie het onlangs gehouden referendum in Schotland.

    VOET AAN DE GROND

    Voorstanders van Europese integratie gebruiken vaak de fiets-metafoor: je moet door blijven trappen, anders val je om. Een kennis van Zielonka zei ooit: “wat een onzin, als ik stop met trappen dan val ik niet om, dan zet ik op tijd mijn voet op de grond.”, en wij als fietsnatie zullen dat moeten beamen. Dus niet doordenderen met de Europese integratie, maar ook niet uiteenvallen, zou dan de conclusie zijn. Volgens Zielonka gaan we sterk af op een meer gefragmenteerd Europa, maar wil niemand meer volledig zonder Europa door. Waarom zouden we niet gaan voor een pragmatische en bescheiden Europese integratie? Waarom zouden we de diversiteit en pluriformiteit van Europa niet omarmen, en als uitgangspunt nemen?

    We zien de laatste jaren dat steden en regio’s de hubs zijn voor technologische innovatie en economische groei. Veel maatschappelijke problemen zoals vergrijzing en energie efficiency kunnen het beste aangepakt worden in steden/stedelijke gebieden, in samenwerkingsverbanden tussen overheden, bedrijven en wetenschap. Burgers zijn steeds meer betrokken bij hun lokale samenleving, dat zie je in verschillende initiatieven rond de deeleconomie en burgerparticipatie.

    DE KRACHT VAN EUROPESE STEDEN

    Een kleine aanvulling bij Zielonka’s betoog is dat de EU niet geheel blind is voor de ontwikkelingen rond stedelijke gebieden en de kracht van publiek-private samenwerking. Integendeel: de Europese Commissie stimuleert dit nu al, door werkprogramma’s van bijvoorbeeld Horizon 2020 af te stemmen op de visie van samenwerkingsverbanden als het European Innovation Parternship Active & Healthy Ageing en Smart Cities & Communities. Ook erkent de Europese het belang van stedelijke gebieden als ‘motoren voor innovatie’. De consultatie voor de Europese Urban Agenda is net afgerond, en hierin volgt Commissaris Corina Crețu waarschijnlijk haar voorganger Johannes Hahn in het ontwikkelen van een Europese visie op stedelijk beleid.

    Als, zoals Zielonka voorstelt, we de Europese Unie nog anders inrichten, of eigenlijk, die ontwikkeling is al gaande, zal Europa bestaan uit een verzameling van complexe netwerken en steden. Volgens Zielonka is zo’n succesvolle integratie onderhevig aan vier principes:

    1. integratie uitgevoerd door diverse actoren: niet uitsluitend door lidstaten, maar ook door transnationale netwerken van regio’s, steden, beroepsverenigingen, NGO’s, etc.
    2. integratie langs functionele lijnen: niet langs territoriale lijnen; verschillende taken vereisen verschillende gebieden. Verschillende netwerken kunnen in verschillende beleidsvelden integreren, zoals handel, energie, mensenrechten, immigratie of veiligheid.
    3. policentrische integratie: geen hiërarchische integratie, maar georganiseerd via een netwerkstructuur
    4. flexibele bestuurstructuur van de netwerken: verschillende beleidsvelden vereisen verschillende aansturing, betrokkenheid en maatregelen. Zo is technologie snel veranderend en vraagt voortdurend om nieuwe, innovatieve oplossingen. Mensenrechten daarentegen vragen om heldere afspraken. En in industriële concurrentie, belastingen of douane zijn sancties passend, terwijl in milieu en immigratie incentives mogelijk passender zijn.

    INNOVATIENETWERKEN IN DE REGIO

    Wat hebben we als innovatieve regio nu aan de visie van Zielonka? Ik weet niet zeker of en hoe snel bovenstaande ontwikkeling zal plaatsvinden. Maar ik zie op het gebied van innovatie veel trends, afkomstig vanuit zowel lokale initiatieven als Europa zelf, die in deze richting bewegen. En daar zitten kansen. Een groep van burgemeesters en wethouders uit onze regio besloot onlangs al intensiever te gaan samenwerken rond een aantal maatschappelijke thema’s als duurzaamheid. Met organisaties als Amsterdam Smart City en diverse initiatieven rond gezondheid en rond de creatieve industrie creëert de Metropoolregio Amsterdam al Europese netwerken van steden en regio’s, die zorgen voor versterking van groei en het oplossen van maatschappelijke uitdagingen.

    Voorbeelden zijn het ECIA-netwerk voor groei van de creatieve industrie dat onlangs zijn aanbevelingen bekendmaakte, alsook het Transform-project waarin Amsterdam met Kopenhagen, Genua, Hamburg, Wenen en Lyon samenwerkt aan het realiseren van de Europese klimaatdoelstellingen in de steden zelf. En niet te vergeten City-Zen, waarin de burger centraal staat bij het ontwikkelen van duurzame wijken. Slimme stedelijke oplossingen komen van alle kanten, zie bijvoorbeeld ook het wereldwijde netwerk van stadsambassades dat Pakhuis de Zwijger initieerde. Op basis van wat we in deze projecten leren, delen we onze kennis weer binnen en buiten Europa. Dus voor wat betreft innovatie zeg ik: die Europese netwerksamenleving, die is er al. En laten we die vooral verder versterken.

    Dit artikel verscheen ook op www.amsterdameconomicboard.com 

    Dit artikel vind je misschien ook interessant: Toekomst? De steden heffen de lidstaten op